Beweeg ik wel voldoende?

Hoe weet je nou of je wel voldoende beweegt?

Inloopspreekuren
Loop binnen op maandag 18:00 en vrijdag 12:00.

Je leest steeds vaker artikelen over bewegen en inspannen, in combinatie met gezondheid. Maar hoe weet je nou of je het zelf goed doet en of je wel voldoende beweegt?

Om dit te goed te kunnen meten zijn er twee gangbare normen voor de gewenste hoeveelheid beweging. ‘De Nederlandse norm gezond bewegen’ en de ‘fitnorm’.

De eerstgenoemde norm geeft de gewenste hoeveelheid lichaamsbeweging aan vanuit een algemene gezondheid, deze is minder zwaar dan de fitnorm. De fitnorm gaat namelijk uit van de gewenste hoeveelheid lichaamsbeweging die nodig is voor een goede algehele conditie en voor de conditie van het hart- en vaatstelsel

Nederlandse Norm Gezond Bewegen

Deze norm verdelen we onder in drie leeftijdscategorieën:

  • Jeugd (<18 jaar): dagelijks 60 minuten matig intensieve lichamelijke activiteit, waarbij de activiteiten minimaal tweemaal per week gericht zijn op het verbeteren of handhaven van lichamelijke fitheid (kracht, lenigheid en coördinatie).
  • Volwassenen (18-55 jaar): 30 minuten matig intensieve lichamelijke activiteit op tenminste vijf dagen, maar bij voorkeur dagelijks. Voorbeelden van matig intensieve lichamelijke activiteit bij volwassenen zijn wandelen met 5-6 km/u (stevig doorwandelen) en fietsen met 15 km/u.
  • Ouderen (55-plussers): 30 minuten matig intensieve lichamelijke activiteit op tenminste vijf dagen, maar bij voorkeur dagelijks. Voorbeelden van matig intensieve lichamelijke activiteit bij ouderen zijn wandelen met 3-4 km/u en fietsen met 10 km/u.

Of aan de norm wordt voldaan hangt af van de duur, de frequentie en de intensiteit van de inspanning.

Fitnorm

De fitnorm is voor jong en oud hetzelfde. Deze norm houdt in dat je tenminste drie keer per week gedurende minimaal 20 minuten bezig moet zijn met zwaar intensieve lichamelijke activiteit, zoals sporten.

De fitnorm is vooral gericht op het onderhouden van je fysieke fitheid (uithoudingsvermogen, kracht en coördinatievermogen).

Hoe helpt de fysiotherapeut jou hierbij?

De fysiotherapeut kan helpen door een schema op te stellen om je inspanning goed op te bouwen. Hij motiveert en inspireert je om gezond te gaan én blijven bewegen. Met de juiste kennis wordt op een verantwoorde manier je conditie opgebouwd. De fysiotherapeut kan die stok achter de deur zijn om te blijven volhouden en uiteindelijk zelfstandig door te kunnen gaan.

Plezier hebben in bewegen is hierbij erg belangrijk. Kies daarom een inspanning die je graag doet, dat motiveert je om vol te houden en door te gaan.

Ook bij een aandoening zoals bijvoorbeeld long-, hart en vaatziekten of als je herstellende bent na een ziekenhuisopname, is bewegen sterk aan te bevelen. Bewegen en inspanning is voor iedereen belangrijk, onafhankelijk van leeftijd of conditie.

Eendrachtskade NZ3